De koudwatervrees voor PPI’s is voorbij

BeFrank
2 mei 2014

Onderstaand artikel is in april 2014 in het blad MT verschenen. Bekijk hier de opgemaakte versie van het artikel.

Folkert Pama, bestuursvoorzitter van BeFrank en pionier op het gebied van pensioenvernieuwing, merkt dat de acceptatie van PPI’s in hoog tempo toeneemt. Waren het een paar jaar geleden nog vooral early adapters die de Premie Pensioen Instellingen omarmden, de laatste tijd komen ook steeds meer partijen die nog een tijdje de kat uit de boom keken over de brug. “Zo gek was die schroom niet. Dit is in feite het eerste nieuwe pensioenvehikel sinds honderd jaar. Hiervóór had je alleen pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen. Maar nu het hek van de dam is willen steeds meer partijen meedoen. Er zijn ook pensioenfondsen die hun regeling bij een PPI onderbrengen. Ze zijn dan feitelijk geen pensioenfonds meer, maar klant van een PPI geworden.”

Waarom slaan PPI’s als BeFrank zo aan?

Werkgevers willen graag een DC-regeling. Defined contribution, waarin de premiebetaling vastligt, geeft ze duidelijkheid over de pensioenkosten die ze kunnen verwachten. Dat is bij de traditionele, uitkeringsgerichte pensioenregelingen anders. Die gaan niet uit van een vaste premie, maar van een van te voren bepaalde uitkering die gehaald moet worden. Daar zijn de kosten voor de werkgever veel onzekerder: als de rente daalt en het rendement van de investeringen dreigt te verminderen, moeten ze vaak bijstorten of meer premie betalen. Dat is de laatste tijd wel gebleken, door de langdurig lage rente zijn traditionele pensioenregelingen extreem duur geworden. Bovendien leven we met z’n allen langer, wat een vastgelegde uitkering helemaal onbetaalbaar maakt.

PPI’s zijn met hun DC-regeling dus een aantrekkelijk alternatief?

Ja en niet alleen voor werkgevers. Ook voor werknemers zijn er grote voordelen. Elke werknemer bouwt zijn eigen pensioenpot op en heeft (indien de werkgever dit toestaat) een grote vrijheid in de manier waarop dat gebeurt. Het is duidelijk en transparant. Elk moment kun je zien hoeveel je geïnvesteerde premie waard is en er zijn tools ontwikkeld die een indicatie geven wat het uiteindelijk uit te keren pensioenbedrag zou kunnen worden.

Een grote mate van zelfstandigheid dus?

De verantwoordelijkheid voor het pensioen ligt veel meer bij de werknemer dan voorheen. De solidariteit wordt verminderd, dat past bij deze tijd. Ieder kan eigen keuzes maken op basis van zijn risicobereidheid en de hoogte van de uitkering zal daar een gevolg van zijn. De één zet zijn premie liever op een veilige spaarrekening, de ander koopt aandelen en kiest voor meer upside en downside risico. Dat zijn bewuste keuzes. Wij zijn er als PPI om ze te helpen de risico’s en mogelijke opbrengsten inzichtelijk te maken. We stimuleren de zelfstandigheid door toegankelijke informatie en communicatie. Werknemers moeten overal en altijd real-time hun pensioengegevens kunnen inzien. BeFrank heeft een speciale app ontwikkeld, ‘Mijn pensioen’, zodat het ook via smartphone en tablet kan. Daar vind je de waarde van je opgebouwde premies, de risico’s en de verwachte resultaten. Op die manier gaat pensioen veel meer leven en neemt de betrokkenheid toe.

Waar kan een werknemer zijn premies zoal in beleggen?

We hebben onze beleggingsproducten ondergebracht bij een aantal vermogensbeheerders, waaronder Delta Lloyd en Think ETF’s, maar werknemers kunnen ook voor andere investeringen kiezen. Standaard werken we met lifecycle beleggen, een mix van aandelen, staatsobligaties, bedrijfsobligaties en vastgoed. Afhankelijk van de leeftijd van de deelnemer wordt de onderlinge verhouding tussen deze assets bepaald. Hoe dichter de pensionering nadert, hoe meer die mix naar relatief veilige obligaties neigt, met uiteindelijk het accent op obligaties met afgedekt renterisico. Een jaar voor zijn pensioen weet de deelnemer waar hij straks aan toe is. Het begin van de cyclus is op rendement gericht, om aan het einde zekerheid te kunnen bieden. De combinatie van een verzekeraar (Delta Lloyd) en een beleggingsbank (BinckBank) biedt ons de kennis en technologische mogelijkheden om het lifecycle beleggen zo flexibel en doordacht mogelijk te kunnen toepassen.

Het accent ligt dus meer op de individuele werknemer, die zelf zijn keuzes maakt. Zijn al die opties niet lastig voor werkgevers?

Nee hoor, daar zijn wij voor. Wij regelen alles, de werkgever heeft er vooral gemak van.Dit past beter bij hoe tegenwoordig arbeidsvoorwaarden worden samengesteld. De pensioenpremie is dan een duidelijk onderdeel van het totaalpakket , en de kosten zijn van te voren bekend. De administratieve verwerking nemen wij ook uit handen. Door een koppeling tussen onze pensioenadministratie en het salarispakket van de werkgever, worden mutaties automatisch verwerkt. Wij zorgen daarnaast dat alle verzekeringen compleet zijn. Door onze technische mogelijkheden kunnen we maatwerk leveren en is het niet moeilijk om alle individuele keuzes van de werknemers uit te voeren. Bovendien, en dat is een ontwikkeling die de laatste tijd sterk in opkomst is, kunnen we ervoor zorgen dat werknemers hun pensioen daadwerkelijk ervaren als onderdeel van het totale arbeidsvoorwaardenpakket. Als een werkgever dat wenst kan alle pensioeninformatie op de portal getoond worden in de look & feel van de werkgever zelf.

Hoe ziet u de toekomst voor zich? Gaan PPI’s zich verder ontwikkelen?

Toen in 2011 de regering de mogelijkheid bood om PPI’s op te richten, zagen wij dat als mogelijkheid om op een veel modernere, bij deze tijd en werkomstandigheden passende manier pensioenregelingen aan te bieden. Uit dat idee is BeFrank ontstaan. Het succes van ons bedrijf zie ik als een duidelijk teken dat een behoefte wordt ingelost die al veel langer leefde. Een hoop van de problemen van de traditionele pensioenfondsen worden al door PPI’s ondervangen: de collectieve kosten hoeven niet meer zo uit de hand te lopen en de individuele werknemer wordt veel serieuzer genomen. Maar ik denk dat het einde van deze ontwikkeling nog zeker niet voorbij is. Nu ligt het accent uiteindelijk nog heel erg op de werkgever. Die sluit een contract met een pensioenuitvoerder. De werknemer is nog steeds alleen begunstigde. Veel werknemers zijn bovendien nog verplicht aangesloten bij een bedrijfstakpensioenfonds. Ik denk dat de rol van de individuele werknemer in de toekomst veel bepalender gaat worden. Uiteindelijk zal hij zelf een contract met een pensioenuitvoerder gaan sluiten. Dan heb je als werknemer je eigen pensioenrekening die je gewoon je hele carrière lang meeneemt. Als je dan van baan verandert zeg je tegen je nieuwe baas: “Dit is mijn pensioenrekening, stort u de premie hier maar op”. Supereenvoudig, en gecompliceerde zaken als waardeoverdracht zijn dan ook meteen opgelost.